

Minder blootstelling aan fijnstof, minder stofafzetting en minder schoonmaak en onderhoud.
Fijnstof, metaalstof en lasrook in de metaalindustrie
CleanAirNederland helpt metaalbedrijven om zwevende fijnstofdeeltjes in productie- en logistieke ruimtes inzichtelijk te maken en gericht te verminderen.
In de metaalindustrie kan fijnstof uit verschillende bronnen ontstaan. Bij slijpen, schuren, gutsen, snijden, lassen en andere metaalbewerkingen kunnen metaalstof, slijpstof en zeer fijne deeltjes uit lasrook in de werkomgeving terechtkomen.
Maar de machines en bewerkingen zijn niet de enige bron. In veel metaalbedrijven vinden dagelijks intensieve logistieke bewegingen plaats. Heftrucks, reachtrucks, palletwagens en ander intern transport kunnen bijdragen aan banden- en wielslijtage en reeds aanwezig vloerstof opnieuw laten opwervelen.
Goede bron- en procesafzuiging blijft essentieel voor de vervuiling die direct bij metaalbewerking ontstaat. Toch kan een deel van de fijnere deeltjes aan de bronafzuiging ontsnappen. Daarnaast ontstaan of verspreiden andere deeltjes zich juist buiten het bereik van de bronafzuiging.
Eenmaal in de ruimtelucht kunnen deze deeltjes zich door de productiehal verspreiden en uiteindelijk neerslaan op werkplekken, producten, machines, installaties en moeilijk bereikbare plaatsen.
CleanAirNederland helpt metaalbedrijven om juist deze resterende zwevende fijnstofbelasting inzichtelijk te maken en waar nodig te verminderen met aanvullende industriële luchtreiniging.
Verontreinigingen bij de bron afvangen.
Maar daarmee is niet al het fijnstof uit de hal.
Bij processen waarbij metaalstof, lasrook of andere gevaarlijke stoffen ontstaan, moet de eerste aandacht uitgaan naar het voorkomen en afvangen daarvan zo dicht mogelijk bij de bron.
Dat geldt onder andere voor:
-
slijpen en schuren;
-
lassen;
-
gutsen;
-
thermisch snijden;
-
andere verspanende of stofproducerende metaalbewerkingen.
Goede bron- en procesafzuiging is daarvoor essentieel.
Maar zelfs met goede bronafzuiging kan een deel van de fijnere metaalstof- en lasrookdeeltjes in de ruimte terechtkomen. Bijvoorbeeld bij grote werkstukken, wisselende werkposities, open processen of meerdere gelijktijdige bewerkingen.
En niet al het fijnstof in een metaalbedrijf ontstaat überhaupt bij een machine.


Niet al het fijnstof in een metaalbedrijf is metaalstof
In grote productiehallen vinden vaak voortdurend logistieke bewegingen plaats. Heftrucks, reachtrucks, palletwagens, trekkers en andere interne transportmiddelen rijden dezelfde routes vaak tientallen of honderden keren per dag.
Hierbij kunnen onder andere bijdragen aan de fijnstofbelasting:
Banden- en wielslijtage
Banden en wielen slijten tijdens rijden, sturen, remmen en manoeuvreren. Daarbij kunnen deeltjes ontstaan die onderdeel worden van het stof in de productieomgeving.
Vloerstof en heropwerveling
Stof dat eerder op de vloer is neergeslagen, is niet definitief verdwenen. Rijdend materieel en andere bewegingen kunnen fijnere deeltjes opnieuw in de lucht brengen.
Materiaalhandling en logistiek
Verplaatsen van pallets, metalen onderdelen, verpakkingen en andere materialen kan bestaand stof verstoren en opnieuw verspreiden.
Dit deel van de fijnstofbelasting kan niet worden opgelost door simpelweg méér afzuiging bij een las- of slijpmachine te plaatsen.
Daarom kijken we naast de metaalbewerking ook naar logistieke bewegingen, vloeren, schoonmaak en luchtstromen in de totale productieomgeving.
Waarom zwevend fijnstof meer is dan alleen een probleem bij de machine
Gezondheidsrisico's door fijnstof, metaalstof en lasrook
De gezondheidsrisico's verschillen per proces, deeltjesgrootte en chemische samenstelling.
Bij lasrook kunnen zeer fijne deeltjes en specifieke metaalverbindingen aanwezig zijn. Ook bij slijpen, schuren, gutsen en andere metaalbewerkingen kunnen medewerkers worden blootgesteld aan deeltjes die tijdens het proces vrijkomen.
Daarom begint het beperken van blootstelling aan procesgerelateerde gevaarlijke stoffen bij het voorkomen en effectief afvangen aan de bron.
Aanvullende ruimteluchtreiniging kan vervolgens worden ingezet om de resterende filterbare deeltjesbelasting in de productieomgeving verder te verminderen.
Lees meer over fijnstof, lasrook en grenswaarden
Fijnstof blijft niet bij de plaats waar het ontstaat
Fijnere deeltjes die eenmaal in de ruimtelucht terechtkomen, blijven niet noodzakelijk bij de slijper, lasser, machine of logistieke route waar ze zijn ontstaan.
Luchtstromen, thermiek, ventilatie, open deuren, medewerkers en intern transport kunnen deeltjes verder door de productiehal verspreiden.
Daardoor kunnen ook medewerkers die zelf niet slijpen, lassen of gutsen met dezelfde ruimtelucht en de daarin aanwezige deeltjes in aanraking komen.
Denk aan monteurs, operators, magazijnmedewerkers, kwaliteitsmedewerkers, onderhoudspersoneel en leidinggevenden.
Een lokale stofbron kan daardoor bijdragen aan de fijnstofbelasting in een veel groter gedeelte van de productieomgeving.
In productiehallen met veel intern transport is de vloer een belangrijk onderdeel van het stofvraagstuk. Deeltjes uit metaalbewerking en andere bronnen kunnen op de vloer neerslaan. Heftrucks, palletwagens, medewerkers en andere bewegingen kunnen het fijnere deel daarvan vervolgens opnieuw in de lucht brengen.
Daardoor kan een kringloop ontstaan:
metaalbewerking / overige bronnen → zwevende deeltjes → stofafzetting → logistieke bewegingen → heropwerveling → opnieuw zwevende deeltjes
Alleen naar de oorspronkelijke stofbron kijken geeft daarom niet altijd een compleet beeld van de werkelijke fijnstofbelasting in een productiehal.
Stofafzetting – ook waar schoonmaken moeilijk en arbeidsintensief is
Zwevende deeltjes die niet worden afgevangen of gefilterd, kunnen uiteindelijk neerslaan op:
-
vloeren en werkoppervlakken;
-
machines en installaties;
-
werkstukken en materialen;
-
schakelkasten en technische componenten;
-
stellingen en leidingen;
-
kabelgoten;
-
verlichting;
-
spanten en constructiedelen;
-
moeilijk bereikbare plaatsen op hoogte.
Stof op hoogte is duur stof.
Voor het reinigen van spanten, leidingen, kabelgoten en andere hoge constructiedelen kunnen hoogwerkers, aanvullende veiligheidsmaatregelen, gespecialiseerde reiniging en soms productieonderbrekingen nodig zijn.
Minder zwevende deeltjes betekent niet dat schoonmaken overbodig wordt, maar kan wel helpen om de hoeveelheid stof die zich uiteindelijk door de productieomgeving afzet te beperken.

Stof op werkstukken kan leiden tot extra werk
Fijnstof kan ook op producten en werkstukken neerslaan.
Vooral wanneer werkstukken later worden gelakt, gecoat, gelijmd, gemonteerd of anderszins gevoelig worden afgewerkt, kan ongewenste stofafzetting extra reinigen of nabewerken noodzakelijk maken.
Stof op werkstuk → Extra reinigen of nabewerken → Extra arbeid en materiaal → Extra bezetting van productie- of afwerkingscapaciteit → Hogere kostprijs en langere doorlooptijd
Of en in welke mate dit binnen uw bedrijf speelt, hangt af van het productieproces en de kwaliteitseisen aan het eindproduct.

Stof op machines, installaties en werkplekken kost onderhoudstijd en dus geld.
Fijnstof en metaalstof kunnen zich overal in de productieomgeving afzetten. Niet alleen op machines, schakelkasten, sensoren, koelopeningen en andere technische installaties, maar ook op stellingen en werkplekken. Zijn kantoor- of werkruimten direct in of naast de productiehal gesitueerd, dan kan stof ook daar terechtkomen op bureaus, kasten, computers en andere oppervlakken.
Deze stofafzetting vraagt niet alleen om periodieke reiniging maar ook om extra technische reiniging en onderhoud. Machines moeten worden schoongemaakt, schakelkasten en koelopeningen stofvrij worden gehouden en ook werk- en kantoorplekken vragen vaker aandacht. Iedere extra reinigingsbeurt betekent inzet van eigen medewerkers of een externe partij en daarmee extra onderhouds- en schoonmaakkosten.
Industriële luchtreiniging voorkomt stofafzetting niet volledig, maar kan door het verminderen van de hoeveelheid zwevende deeltjes de opbouw van stof vertragen. Hierdoor kunnen machines, installaties en werkplekken langer schoon blijven en kan de benodigde frequentie van reiniging en onderhoud afnemen.
De bedrijfseconomische winst zit daarmee niet alleen in een schonere werkomgeving, maar vooral in minder benodigde schoonmaak- en onderhoudsuren, minder inzet van technisch personeel voor reiniging en lagere terugkerende onderhoudskosten.
Stof dat u niet afvangt of verwijdert, moet u later mogelijk opruimen
Iedere minuut waarin een productiemedewerker stof van een werkplek, machine, product of omgeving verwijdert, is een minuut waarin deze medewerker niet met zijn primaire werkzaamheden bezig is.
Een eenvoudig rekenvoorbeeld:
10 productiemedewerkers
× 15 minuten stofgerelateerd reinigen per werkdag
= 2,5 arbeidsuur per dag
× 230 werkdagen
= 575 arbeidsuren per jaar
Vermenigvuldig deze uren met uw werkelijke interne kostprijs en de verborgen kosten van stof worden snel zichtbaar.
Schoonmaakkosten bestaan dus niet alleen uit schoonmaakmiddelen of de factuur van een extern schoonmaakbedrijf. Ook de productieve uren die intern aan stofgerelateerde reiniging worden besteed, horen bij de werkelijke kosten van de fijnstofbelasting.







Wat kost fijnstof uw metaalbedrijf werkelijk?
De gevolgen van fijnstof zijn niet uitsluitend zichtbaar in een luchtkwaliteitsmeting. Een deel van de kosten zit verborgen in de dagelijkse bedrijfsvoering.
Schoonmaak
Meer interne en externe schoonmaakuren.
Hoogtereiniging
Hoogwerkers, veiligheidsmaatregelen en mogelijk productiestilstand.
Onderhoud
Technische reiniging kost onderhoudscapaciteit.
Herbewerking
Extra reinigen of opnieuw afwerken kost arbeid en materiaal.
Productietijd
Schoonmaken en herstellen gaat ten koste van beschikbare productiecapaciteit.
De werkelijke kosten = schoonmaak + onderhoud + herbewerking + materiaal + verloren productie-uren + mogelijke productieonderbreking
Een investering in schonere lucht kan daarom beter worden beoordeeld in relatie tot de totale kosten van de huidige fijnstofproblematiek.
Eerst de bron aanpakken, daarna de fijnstofdeeltjes die overblijven
CleanAirNederland beschouwt industriële ruimteluchtreiniging niet als een op zichzelf staande oplossing.
1. Ontstaan voorkomen of beperken
Kan het ontstaan van metaalstof, lasrook of andere procesgerelateerde verontreiniging worden voorkomen of verminderd?
2. Effectieve bron- en procesafzuiging
Worden metaalstof, lasrook, gassen en dampen waar nodig zo dicht mogelijk bij het ontstaan afgevangen?
3. Correcte afvoer van gevaarlijke stoffen
Bij bepaalde metaalbewerkingen kunnen naast filterbare deeltjes ook gasvormige of andere gevaarlijke stoffen ontstaan.
Een deeltjesfilter verwijdert deze niet automatisch.
Wanneer de aanwezige stoffen of regelgeving dit vereisen, moeten bronafzuiging, ventilatie en afvoer naar buiten correct zijn ingericht.
Voor onder andere bepaalde kankerverwekkende, mutagene en reprotoxische stoffen gelden aanvullende voorwaarden voor recirculatie.
Een ruimteluchtreiniger mag daarom nooit worden gebruikt om noodzakelijke bronafzuiging of afvoer van gevaarlijke stoffen te omzeilen.
4. Logistiek, vloeren en schoonmaak
Welke bijdrage leveren intern transport, banden- en wielslijtage, vloerstof en heropwerveling aan de totale fijnstofbelasting?
5. Luchtstromen en ruimte
Waar verspreiden de resterende zwevende deeltjes zich door de productieomgeving?
6. Aanvullende ruimteluchtreiniging
Kan de resterende filterbare fijnstofbelasting effectief uit de omgevingslucht worden verwijderd?
7. Meten en controleren
Heeft de gekozen aanpak daadwerkelijk het gewenste effect op de ruimtelijke luchtkwaliteit?
Fijnstof meten: zien wat er gedurende de werkdag gebeurt
Een zichtbare stoflaag vertelt niet hoeveel fijne deeltjes op een bepaald moment in de ruimtelucht aanwezig zijn.
Met een meting kunnen we bijvoorbeeld zien wat er gebeurt wanneer:
-
productie wordt opgestart;
-
slijp- of laswerkzaamheden plaatsvinden;
-
meerdere machines gelijktijdig draaien;
-
heftrucks intensief door de hal rijden;
-
deuren worden geopend;
-
wordt schoongemaakt;
-
productie stopt;
-
luchtreiniging wordt in- of uitgeschakeld.
Tijdens een Quickscan kijken we daarom niet alleen naar machines en bronafzuiging, maar ook naar logistieke routes, vloeren, schoonmaak, luchtstromen en het gebruik van de totale ruimte.
Waar een langere meetperiode nodig is, kan AirCheq worden ingezet om de ontwikkeling van de deeltjesconcentratie gedurende verschillende werkzaamheden en momenten van de dag te volgen.

Een fijnstofsensor vertelt niet waar ieder deeltje vandaan komt
Een PM-meting maakt de hoeveelheid deeltjes binnen bepaalde groottefracties inzichtelijk, maar bepaalt niet automatisch de bron of chemische samenstelling van ieder gemeten deeltje.
De sensor vertelt dus niet rechtstreeks of een deeltje afkomstig is van slijpen, lasrook, banden, vloerstof of een andere bron.
Daarom combineren we meetgegevens met kennis van processen, tijdstippen, activiteiten en de situatie op de werkvloer.
Wanneer een formele persoonlijke blootstellingsmeting of analyse van specifieke gevaarlijke stoffen noodzakelijk is, moet daarvoor een passende arbeidshygiënische meetmethode worden gebruikt.

Praktische oplossingen voor fijnstof in de metaalindustrie
CleanAirNederland richt zich op de resterende deeltjesbelasting in productie- en logistieke ruimtes.
Daarbij kijken we naar de combinatie van:
-
metaalbewerkingsprocessen;
-
bestaande bron- en procesafzuiging;
-
logistieke bewegingen;
-
vloerstof en heropwerveling;
-
schoonmaakmethoden;
-
luchtstromen;
-
ruimtevolume;
-
fijnstofbelasting;
-
gewenste verbetering.
Waar aanvullende ruimteluchtreiniging passend is, kunnen industriële Njord-luchtreinigers worden ingezet om grote hoeveelheden ruimtelucht continu te filteren.
Industriële luchtreiniging voor metaalstof, fijnstof en lasrookdeeltjes
De Njord XP-serie is ontwikkeld voor industriële omgevingen met grote luchtvolumes en een hoge deeltjesbelasting.
De systemen zijn bedoeld om resterende filterbare deeltjes uit de ruimtelucht te verwijderen en zijn geen vervanging voor noodzakelijke bronafzuiging.
Bij het dimensioneren kijken we onder andere naar capaciteit, filterconfiguratie, filteroppervlak, luchtverdeling, positionering en de daadwerkelijke belasting van de ruimte.
Bij de daarvoor geschikte Njord-modellen helpt Constant Air Flow om de ingestelde luchtstroom bij toenemende filterbelasting zo lang mogelijk op niveau te houden.
Welke uitvoering en filterconfiguratie geschikt zijn, bepalen we aan de hand van de daadwerkelijke productieomgeving.


Voor welke metaalbedrijven?
Aanvullende ruimteluchtreiniging kan onder andere relevant zijn voor:
Las- en constructiebedrijven
Productieomgevingen met handmatige of gerobotiseerde laswerkzaamheden en aanvullende metaalbewerking.
Plaatbewerking
Bedrijven waar snijden, kanten, buigen, slijpen, lassen en nabewerken binnen dezelfde productieomgeving plaatsvinden.
Slijpen, schuren en polijsten
Werkplaatsen waar mechanische oppervlaktebewerking structureel metaal- en slijpstof veroorzaakt.
Gutsen en thermische bewerkingen
Productieomgevingen waarin naast effectieve procesafzuiging een resterende deeltjesbelasting aanwezig is.
Machinebouw en assemblage
Grote productiehallen waarin metaalbewerking, assemblage en veel intern transport naast elkaar plaatsvinden.
Productie- en logistieke hallen
Omgevingen waar naast procesgerelateerd fijnstof ook veel heftruck- en palletverkeer plaatsvindt en stof door logistieke bewegingen opnieuw kan worden verspreid.
Geen standaardoplossing voor ieder metaalbedrijf
De fijnstofbelasting verschilt per productieomgeving. Werkzaamheden, materialen, machines, bronafzuiging, ruimtevolume, luchtstromen, productie-intensiteit, logistieke bewegingen, vloeren en schoonmaakmethoden hebben allemaal invloed.
Daarom beginnen we niet met:
“Hoeveel luchtreinigers heeft u nodig?”
maar met:
“Waar ontstaan de deeltjes, wat wordt al bij de bron afgevangen en wat blijft of komt daarna nog in de ruimtelucht terecht?”
Blijkt dat eerst de bronafzuiging moet worden verbeterd? Dan hoort dat bij het advies.
Blijkt dat een belangrijk deel van de belasting samenhangt met logistiek, vloerstof of heropwerveling? Dan moeten ook die oorzaken worden meegenomen.
Pas daarna bepalen we of aanvullende ruimteluchtreiniging zinvol is en welke capaciteit, filtratie en plaatsing daarbij passen.
Minder fijnstof begint met inzicht in uw productieomgeving
Wilt u weten waar fijnstof in uw bedrijf ontstaat, hoe metaalstof en andere deeltjes zich door de productiehal verspreiden en welke invloed productie en logistieke bewegingen daarop hebben?
CleanAirNederland beoordeelt de situatie op de werkvloer en kan waar nodig meten, adviseren en een passende oplossing dimensioneren.
Praten over de mogelijkheden of meer informatie?
Wij helpen u graag verder op weg.
→ Een meting inplannen kan bij ons op korte termijn
→ Direct inzicht in fijnstof, CO2, VOCs en andere luchtkwaliteit parameters op uw locatie
→ Uitgevoerd door een expert in luchtreiniging